De beste keeper van de Eredivisie
- Auteur
- Redactie
- Datum
- Leestijd
- 4 min
- Linie
- Eredivisie
De keepers van de Eredivisie speelden afgelopen weekend weer een opvallende negatieve rol. Piet Velthuizen ging verschrikkelijk in de fout toen hij een bal probeerde weg te schieten, Leonard Nienhuis ging in de fout toen hij een aanvaller van RKC uit wilde kappen en Nick Marsman grabbelde bij een vrije trap van Steven Berghuis. We analyseren alle basisdoelmannen uit de Eredivisie om te kijken wie de beste is.
Te vaak worden keepers afgerekend op tegendoelpunten. Robbin Ruiter van Utrecht kreeg tot dusverre 51 tegendoelpunten te verwerken – gemiddeld 1,9 per wedstrijd. Het aantal tegendoelpunten zegt echter niet per se alles over de prestaties van een keeper. Een doelpunt tegen kan namelijk ook veroorzaakt worden door een blunderende verdediger of een middenvelder die zijn man laat lopen.
Daarom gaan we op zoek naar een andere manier om keepers te beoordelen. Een doelman van een degradatiekandidaat kan immers een topseizoen keepen en punten pakken, maar volgend seizoen in de Jupiler League spelen; de keeper van de kampioen kan fout na fout maken, en in mei toch met de schaal in zijn handen staan.
Tegenhouden
Daarom is het beter om een keeper te beoordelen op het percentage schoten op doel wat hij tegenhoudt. De keeper van pakweg NEC of RKC zal sneller twintig schoten op goal tegen krijgen dan de doelman van Ajax. Als de goalie van NEC achttien schoten weet te keren, heeft hij het uitstekend gedaan. Als de keeper van Ajax maar twee schoten op doel tegen krijgt en hij pakt er daarvan eentje, dan heeft hij niet goed gepresteerd – ondanks dat hij minder ballen uit het netje hoeft te vissen dan de doelman van NEC.

Bovenstaande grafiek laat zien welke keepers in de Eredivisie goed presteren. We hebben de basiskeepers van de Eredivisie onderzocht en alleen de volledige wedstrijden die ze keepten meegenomen. Hoe meer de naam van de keeper naar boven staat, hoe meer ballen hij – relatief gezien – doorlaat. Staat de naam van de keeper juist meer naar rechts, dan krijgt hij gemiddeld meer tegendoelpunten tegen. Omdat we al eerder aangaven dat deze statistiek niet heel veel over de kwaliteit van de keeper zegt, is het belangrijker dat de keeper een laag percentage doorgelaten ballen heeft.
Stephan Andersen (Go Ahead) laat relatief gezien de meeste ballen door. Omdat hij nog niet heel lang keeper is van Go Ahead zijn de statistieken van hem niet helemaal betrouwbaar, daarom is ook Eloy Room meegenomen in de grafiek.
Karl-Johan Johnsson en Gino Coutinho pakken ook weinig ballen. Johnsson lijkt dan ook de slechtste keeper van de Eredivisie. Hij speelde bijna alle wedstrijden, krijgt gemiddeld de meeste doelpunten tegen en heeft het hoogste percentage doorgelaten ballen.
Jasper Cillessen steekt er met kop en schouders bovenuit. Hij laat ongeveer één op de acht ballen die op hem afkomt door; bovendien krijgt hij maar 0,37 tegendoelpunten per wedstrijd. De naam van Jan Seda is ook opvallend. Hij pakt driekwart van de schoten die op hem afgevuurd worden, waarmee hij na Cillessen gemiddeld de meeste ballen pakt.
De laatste weken is er veel kritiek op Nick Marsman. Hij zag er bij sommige tegendoelpunten er inderdaad niet goed uit, maar in de periode daarvoor pakte hij een hoop schoten. Maar 26,9 procent van de schoten op zijn doel werden daadwerkelijk een doelpunt.
Verder blijken Erwin Mulder en Jeroen Zoet middelmatige keepers te zijn en doen Robbin Ruiter en Jelle ten Rouwelaar het uitmuntend. Met name Ruiter krijgt heel veel schoten op zijn doel (165), maar keert iets minder dan driekwart. Het is aan hem te danken dat Utrecht niet nog meer doelpunten tegen heeft.

Perspectief
Dit zet de prestatie van Cillessen in een totaal ander perspectief. Hij krijgt verreweg de minste schoten op doel tegen. Als hij ook nog drie schoten van dertig meter krijgt, is het niet gek dat hij de nul houdt. Dan is het ook logisch dat zijn percentage doorgelaten ballen beduidend lager is dan de rest van de Eredivisiekeepers.

De prestatie van Andersen is nu minder slecht. Hij heeft weinig wedstrijden gekeept en kreeg daarin maar weinig schoten op doel tegen. Als de schoten die hij tegen kreeg, allemaal van hoge kwaliteit waren (bijvoorbeeld binnen het strafschopgebied), dan is het logisch dat hij slecht uitkomt in Grafiek 1.
En de prestatie van Seda is alleen nog maar knapper. Hij wordt namelijk de hele wedstrijd constant onder vuur genomen, maar toch weet hij enorm veel ballen te keren. Ook Robbin Ruiters prestatie is uitstekend, aangezien hij bijna zeven keer per wedstrijd aan de bak moet.